Waarneming van 3D-vorm in complexe omgevingen (2008)

Hoe is het mogelijk dat wij vorm en diepte zien? Bij die vraag staan we niet zomaar stil. Maar informatie uit de buitenwereld komt het brein binnen als tweedimensionale (2D) projecties op de retina. Op dat moment gaat de derde dimensie verloren. Toch is onze waarneming driedimensionaal (3D) en komt die heel betrouwbaar over. Vooral in visuele illusies is goed te zien dat onze waarneming slechts een interpretatie van de externe realiteit is. Rechts zie je een voorbeeld waarin visuele context de vormwaarneming beïnvloedt. De twee rode ballen zijn even groot, toch lijkt de bovenste kleiner. Dit komt doordat hij door grotere ballen omringd is. Maar hoe maakt het brein gebruik van zulke context informatie bij het achterhalen van 3D-vorm? Deze vraag staat centraal in Katinka’s promotieonderzoek aan de Universiteit Utrecht.

Lees een eenvoudige uitleg over diepte zien.

Beelden in het brein? (2004)

Tijdens het lezen van een boek kunnen wij ons levendige voorstellingen maken van situaties die in de tekst worden beschreven. Maar is een visuele voorstelling echt zo gedetailleerd als een waarneming? En in hoeverre verschilt voorstellingsvermogen van geheugen? Visuele eigenschappen, zoals symmetrie, worden even snel gevonden in een plaatje als in een mentaal beeld. Dit terwijl deze eigenschappen pas na een tijd uit het geheugen gerapporteerd werden. Een visuele voorstelling lijkt dus op een ‘plaatje in brein’. Dit bleek uit Katinka’s stageonderzoek aan Harvard University.